Deze broodjes wil je niet missen op vakantie

De vakantie is in zicht. Eén
van de leuke dingen van naar het buitenland gaan is dat je de producten en
gerechten van een andere cultuur kunt eten. Al kwam ik erachter dat wij een aantal
broodjes ook in ons assortiment hebben. Wat eet je waar en wil je niet missen?

De Franse klassiekers hebben wij natuurlijk, de croissant en de pain-au-chocolat, al komen beiden oorspronkelijk uit Oostenrijk. De baguette, oftewel, het stokbrood komt wel echt uit Frankrijk (zie hier het artikel met allerlei stokbroodtips). Ze bestaan al sinds de tijd van Lodewijk XIV, de Zonnekoning, maar in de loop der tijd zijn ze smaller en langer geworden. In de 19e eeuw waren ze 2 meter; dat zou bij ons niet in oven passen! Heb jij enig idee hoe lang die van ons zijn?

Een afgeleide variant hebben we van het desembrood in Duitsland. Desembrood heeft een typisch productieproces wat veel tijd, aandacht en kennis vraagt. Een speciaal zetsel, moederdeeg, wordt gebruikt om het deeg te laten rijzen (lees hier meer over onze desems). In Duitsland laten ze het brood ook echt wat ‘zuur’ worden. Duitsers genieten hier echt van met als beleg een Jagerswurst of Hüttenkäse. Wij hebben ook desembrood, ook de boezems bevatten desem, maar de zure smaak laten we achterwege. Daarvoor moet je echt naar Duitsland!

Roggebrood. Een oud brood dat zijn herkomst heeft in Denemarken. De Denen eten het zogenaamde Smørrebrød nog heel veel, omdat het een goede gezonde bron van koolhydraten is. Voordat de aardappel zijn intrede deed, was dit één van de belangrijkste voedingsbronnen in Scandinavië. Vroeger belegden ze dit brood met dunnen plakjes vis of vlees. Tegenwoordig zijn het meer luxe broodjes geworden.

Oostenrijkse kaiserbrötchen hebben wij natuurlijk in het assortiment pistolets. De beroemde ster, kringels genoemd, is vernoemd naar of Frans Jozef I (uit de periode van Sisi) of Friedrich III. Het witte kaiserbroodje was een statussymbool. Als je jezelf wit brood kon veroorloven was je rijk en welvarend. Oostenrijkers worden ook wel eens ‘Brotmeisters’ genoemd omdat het land zo’n rijke broodgeschiedenis kent.

Ronald maakt ze soms. We hebben ze in ieder geval niet standaard; foccacia’s uit Italië. Een plat, luchtig traditioneel brood dat je zonder beleg eet. Extra smaak en variatie krijg je door de ingrediënten die je erin mee kunt bakken zoals rozemarijn, knoflook, tomaatjes, olijven of kaas. Lekker voor tussen door of bij een Italiaanse salade!

En dan, als Belgische bakkerij, is buurland Nederland ook een vakantieland. Nederland staat voor buitenlanders bekend om zijn puntjes, kadetjes, zachte broodjes oftewel Hollandse sandwiches. In reisgidsen wordt beschreven dat Nederlanders het hele jaar door deze broodjes eten met daarop hagelslag, haring met ui of een kroket. Over stereotyperingen gesproken 😉

Geniet van al het lekkers;
wat eet jij op vakantie?